Leest jouw kind ook krampachtig?

Hij zit tegenover me aan tafel. Zijn voeten bungelen net boven de grond. De Triptrapstoel vindt hij te kinderachtig, daarom zit hij liever op een gewone stoel. Ook al is hij daar eigenlijk net te klein voor....

Hij is zes jaar en zit in groep drie.

Hij vindt het lezen stom.
Zijn vriendjes zijn hem al lang voorbij gegaan en dat doet zeer.

Daarom heb ik een plan gemaakt en gaan we samen aan de slag.  

Hij is aan het lezen: 'k'...'ou'....'s'.

Zijn gezicht staat verbeten.
'Kous', perst hij eruit.

Het valt me op hoe gespannen hij aan het lezen is.
Zijn ene hand gebald, met de andere wijst hij krampachtig de letters aan.
Hij houdt regelmatig zijn adem in.

'Stop maar even'.
Hij kijkt me slechts kort aan.
'Ken je het verhaal van de jongen die een leeuw tegenkwam?'
Hij schudt zijn hoofd.

Ik begin te vertellen. 'Lang geleden, toen er nog leeuwen in ons land woonden, ging de jongen het veld in. Hij was op zoek naar eten. Plotseling kwam er een leeuw uit het struikgewas tevoorschijn....'

                                            

Ik stop even.
'Wat zou jij doen', vraag ik hem, 'Vechten of vluchten?'

'Vluchten natuurlijk'. Van twijfel geen sprake. 'Van een leeuw win je het nooit'!

'De jongen uit mijn verhaal sloeg ook op de vlucht. Maar er was wel een probleempje.'

'Wat dan?'

'Hij had honger, zijn ene veter zat los en hij had het koud. Wat denk je, had hij tijd om dit op te lossen?'

'Tuurlijk niet'.

'Hoe denk je dat die jongen zich voelde?'

Hij denkt even na?
'Ik denk dat hij bang was'.

'Ik denk het ook. Als hij bang is, waar zou hij dat dan voelen?'

Hij twijfelt even. 'In zijn buik?'

'Zou heel goed kunnen'.

We praten verder over hoe het verhaal afloopt (goed natuurlijk!), maar waar we het vooral over hebben is of de jongen uit het verhaal logisch na kan denken als hij paniek voelt.
Ik vertel hem dat logisch nadenken onmogelijk is als je bang bent of zenuwachtig.
Als je paniek voelt kunnen je hersenen nog maar aan twee dingen kunt denken: vechten of vluchten!
Meer niet. Je kunt niet nadenken over losse veters, je kan je niet druk maken over honger en hoe dom het is dat je geen jas hebt aangetrokken. 

Daarna gaat hij weer lezen. 
We spreken af dat elke keer als hij paniek in zijn buik (of ergens anders) voelt, dat we stoppen. 
Dan gaan we eerst ontspannen; even alles loslaten, zodat hij daarna rustig alle letters aan kan kijken en de woordjes zonder spanning uit zijn mond kan laten rollen.

Lezen is tenslotte niks om bang voor te zijn.

Na een poosje gaat het lezen al een stukje beter. 
Door de rust in zijn lijf, door de ontspanning.

 

 

Beeldendleren, help kinderen met leerproblemen door hen een methode te leren om met plaatjes te denken